donderdag 14 december 2017, 07:16 uur

Voormalig campagneleider DENK veroordeeld tot betalen vergoeding

post thumbnail

Deze week deed de rechtbank Amsterdam uitspraak in de zaken van ex-medewerkers van Stichting Ondersteuning Groep Kuzu/Öztürk. Voormalig campagneleider van DENK, Ian van der Kooye, moet een schadevergoeding betalen omdat hij zich niet aan de geldende opzegtermijn van zijn arbeidsovereenkomst heeft gehouden. DENK heeft met tevredenheid kennis genomen van deze uitspraak en zal daartegen niet in beroep gaan op het onderdeel contractbreuk. Wat betreft geheimhoudingsplicht en relatiebeding zal DENK zich nog beraden op hoger beroep.

In een nagenoeg identieke zaak van mevrouw Simons oordeelt de rechter onder andere dat de negatieve uitspraken over DENK en het oprichten van een concurrerende politieke partij, Artikel 1, niet persé in strijd zouden zijn met het geheimhoudingsbeding en het goed werknemerschap.

Voorts oordeelt de rechter dat mevrouw Simons geen ontslag zou hebben genomen bij de Stichting Ondersteuning Groep Kuzu/Öztürk. Mevrouw Simons zou – ondanks haar vertrek naar Artikel 1 – voor ogen hebben gehad om haar arbeidsovereenkomst met de Stichting Ondersteuning Groep Kuzu/Öztürk voort te zetten. Dat terwijl zij reeds afscheid had genomen van haar collega’s bij de Stichting Ondersteuning Groep Kuzu/Öztürk, na 24 december 2016 niets meer van zich had laten horen en ook niet meer op de werkvloer was verschenen. Ook had zij de bedrijfsmiddelen van Stichting Ondersteuning Groep Kuzu/Öztürk ingeleverd. “Dit is een hele bizarre situatie”, aldus de woordvoerder van de partij. “Mevrouw Simons vertrok dus bij DENK, nam afscheid van haar collega’s en kwam niet meer werken, maar wilde naar eigen zeggen dus toch haar werkzaamheden als communicatieadviseur bij Stichting Ondersteuning Groep Kuzu/Öztürk voortzetten. Onbegrijpelijk is dat. Wat ons betreft heeft mevrouw Simons met haar uitlatingen en gedragingen wel degelijk haar arbeidsovereenkomst beëindigd. Zij heeft pas de draai gemaakt dat dat niet zo zou zijn, nadat zij met de gevolgen van die beëindiging werd geconfronteerd.”

Wat aan de uitspraak van de rechter verder opvalt is dat de rechter in het geheel niet is ingegaan op enkele stellingen van Stichting Ondersteuning Groep Kuzu/Öztürk. Zo motiveert de rechter in zijn uitspraak niet waarom hij geen oordeel velt over het feit dat mevrouw Simons afscheid had genomen van haar collega’s en dat zij na haar e-mail niet meer op haar werk was verschenen. Ter zitting kon mevrouw Simons deze vragen ook niet beantwoorden. Het is onbegrijpelijk dat de rechter dit niet heeft meegewogen en zich hier ook niet over heeft uitgelaten. Op advies van onze juristen zal daarom tegen deze uitspraak in beroep worden gegaan.

Geen Reacties | Plaats Reactie

Lokum.nl Turkish Delight in Holland!